
Jurisprudentie
AD7673
Datum uitspraak2001-09-05
Datum gepubliceerd2002-06-04
RechtsgebiedBestuursrecht overig
Soort ProcedureHoger beroep
Instantie naamGerechtshof Leeuwarden
ZaaknummersWAHV 01/00087
Statusgepubliceerd
Datum gepubliceerd2002-06-04
RechtsgebiedBestuursrecht overig
Soort ProcedureHoger beroep
Instantie naamGerechtshof Leeuwarden
ZaaknummersWAHV 01/00087
Statusgepubliceerd
Uitspraak
WAHV 01/00087
5 september 2001
CJIB 30361797
Gerechtshof te Leeuwarden
Arrest
op het hoger beroep tegen de beslissing
van de kantonrechter te Zevenbergen
van 20 november 2000
betreffende
[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),
wonende te [woonplaats].
1. De beslissing van de kantonrechter
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement Breda ongegrond verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
2. Het procesverloop
De betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.
De advocaat-generaal is in de gelegenheid gesteld een verweerschrift in te dienen, maar heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt.
3. Beoordeling
3.1. Aan de betrokkene is bij inleidende beschikking een administratieve sanctie van fl 330,-- opgelegd ter zake van "overschrijding van de maximumsnelheid op autosnelwegen (gedragsregel); meer dan 35 km/h en t/m 40 km/h", feitcode S 300 G, welke gedraging zou zijn verricht op 17 november 1999 op de Rijksweg A16 in de gemeente Moerdijk.
3.2. De betrokkene betwist niet dat hij - zoals door de politie is geconstateerd - ter plaatse 140 km/h heeft gereden en dat hij daarmee de ter plaatse geldende maximumsnelheid heeft overschreden, doch stelt, dat ter plaatse waar de overschrijding van de maximumsnelheid gemeten is een maximumsnelheid gold van 120 km/h.
3.3. Volgens de verbalisant vond de meting plaats op een rijbaan met twee rijstroken. Voor rijbanen in de gemeente Moerdijk, die uit twee rijstroken bestaan, geldt - zo verklaart de verbalisant - overal als maximumsnelheid 100 km/h.
3.4. Blijkens de inleidende beschikking is het opleggen van de administratieve sanctie gebaseerd op overschrijding van de maximumsnelheid op een autosnelweg. Ingevolge art. 21, aanhef en onder a, RVV1990 geldt op autosnelwegen een maximumsnelheid van 120 km/h. Nu vaststaat dat de betrokkene 140 km/h heeft gereden, heeft hij de maximumsnelheid op autosnelwegen overschreden met 20 km/h.
3.5. Noch in de inleidende beschikking noch anderszins wordt vermeld dat door middel van borden was aangegeven dat ter plaatse van de meting een maximumsnelheid gold van 100 km/h dan wel dat de weg ter plaatse van de meting was aangeduid als "autoweg" waarop ingevolge art. 21, aanhef en onder a, RVV1990 een maximumsnelheid geldt van 100 km/h. Daarom wordt niet duidelijk hoe de verbalisant, die heeft geconstateerd dat de betrokkene reed met een snelheid van 140 km/h, tot de conclusie heeft kunnen komen dat de betrokkene de ter plaatse van de meting geldende maximumsnelheid op autosnelwegen heeft overschreden "met meer dan 35 km/h en t/m 40 km/h".
3.6. Het voorgaande brengt mee, dat ervan moet worden uitgegaan, dat de betrokkene de maximumsnelheid op een autosnelweg heeft overschreden met 20 km/h.
3.7. Dienovereenkomstig zal het hof de omschrijving van de gedraging, de feitcode en het sanctiebedrag wijzigen in voege als na te melden.
4. De beslissing
Het gerechtshof:
vernietigt de beslissing van de kantonrechter en van de officier van justitie;
wijzigt, met vernietiging van de inleidende beschikking in zoverre, de omschrijving van de gedraging en de feitcode in:
overschrijding van de maximumsnelheid op autosnelwegen (gedragsregel);
meer dan 15 km/h en t/m 20 km/h, feitcode S 300 C;
stelt het bedrag van de sanctie vast op fl 110,--;
bepaalt dat van hetgeen door de betrokkene op de voet van art. 11 WAHV tot zekerheid is gesteld een bedrag van ( 220,-- aan deze door de griffier van het kantongerecht wordt gerestitueerd.
Dit arrest is gewezen door mrs Vellinga, Kalsbeek en Van Dijk in tegenwoordigheid van mr Bennen als griffier, en uitgesproken ter openbare
zitting .

