Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

AF0873

Datum uitspraak2002-11-13
Datum gepubliceerd2002-11-21
RechtsgebiedPersonen-en familierecht
Soort ProcedureHoger beroep
Instantie naamGerechtshof 's-Gravenhage
Zaaknummers674-R-02
Statusgepubliceerd


Uitspraak

Uitspraak : 13 november 2002 Rekestnummer : 674-R-02 Rekestnr. rechtbank : F1 RK 02-1573 GERECHTSHOF TE 'S-GRAVENHAGE FAMILIEKAMER B e s c h i k k i n g in de zaak van [appellant], wonende te [X], verzoeker in hoger beroep, hierna te noemen: de man, procureur mr. T. van den Bout, tegen [geïntimeerde], wonende te [X], verweerster in hoger beroep, hierna te noemen: de vrouw, procureur mr. P.A.M. Perquin. PROCESVERLOOP De man is op 17 september 2002 in hoger beroep gekomen van een beschik-king van de rechtbank te Rotterdam van 17 juni 2002. Op 23 oktober 2002 is de ontvankelijkheid van de zaak mondeling behandeld. Verschenen zijn: de man, bijgestaan door zijn procureur; en de procureur van de vrouw. DE ONTVANKELIJKHEID VAN HET HOGER BEROEP 1. Het beroepschrift richt zich tegen de beschikking van de rechtbank, waarbij op gemeen-schappelijk verzoek van partijen de echtscheiding is uitgesproken en de tussen partijen getroffen regelingen als neergelegd in het door partijen op 10 mei 2002 ondertekende convenant zijn opgenomen. In hoger beroep verzoekt de man de bestreden beschikking te vernietigen, uitsluitend voor zover daarin de tussen partijen getroffen regelingen, als neerge-legd in het convenant, zijn opgenomen, en, opnieuw rechtdoende, onder wijziging danwel intrekking van de alimentatieovereenkomst alsnog een alimentatie voor hem ten laste van de vrouw te bepalen, alsmede de getroffen regelingen ten aanzien van de verdeling en verreke-ning te wijzigen danwel te vernietigen. 2. Nu het rechtsmiddel van hoger beroep niet is gegeven om een partij wier verzoek door de eerste rechter is toegewezen, gelegenheid te geven die beslissing ongedaan te maken omdat hij bij nader inzien er de voorkeur aan geeft om van het verzoek af te zien, is het hof van oordeel dat de man niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in zijn hoger beroep. BESLISSING Het hof: verklaart de man niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep. Deze beschikking is gegeven door mrs. Fockema Andreae-Hartsuiker, Labohm en Punselie, bijge-staan door mr. Verkuil als griffier en uitgespro-ken ter openbare terecht-zitting van 13 november 2002.