Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

AL8135

Datum uitspraak2003-10-07
Datum gepubliceerd2003-10-08
RechtsgebiedStraf
Soort ProcedureHoger beroep
Instantie naamGerechtshof 's-Hertogenbosch
Zaaknummers20.001312.03
Statusgepubliceerd


Indicatie

De raadsvrouwe van de verdachte heeft (..) ter terechtzitting in hoger beroep betoogd dat de eerste rechter heeft verzuimd bij de bepaling van de straf uitdrukkelijk op de voet van het bepaalde in artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht rekening te houden met de omstandigheid dat de verdachte bij beslissing van een rechterlijke instantie in Frans-Guyana (..) is veroordeeld tot een gevangenisstraf.


Uitspraak

parketnummer: 20.001312.03 tegenspraak GERECHTSHOF TE 's-HERTOGENBOSCH meervoudige kamer voor strafzaken A R R E S T gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank te 's-Hertogenbosch van 3 april 2003 in de strafzaak onder parketnummer 01/025027-03 tegen: [verdachte], geboren te [geboorteplaats], op [geboortedatum] 1961, thans preventief gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting "Oosterhoek" te Grave. Het hoger beroep De verdachte heeft tijdig tegen genoemd vonnis hoger beroep ingesteld. Het onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en de terechtzitting in hoger beroep. Het hof heeft kennis genomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen van de zijde van de verdachte naar voren is gebracht. De tenlastelegging Het hof neemt hier uit het beroepen vonnis de weergave van de tenlastelegging over. Het vonnis waarvan beroep Het hof verenigt zich met het beroepen vonnis en met de redengeving waarop dit berust, onder aanvulling van het vonnis met de hiernavolgende nadere overweging met betrekking tot de op te leggen straf. Nadere overweging met betrekking tot de op te leggen straf De raadsvrouwe van de verdachte heeft, op de gronden als nader verwoord in haar pleitnota, ter terechtzitting in hoger beroep -kort samengevat- betoogd dat de eerste rechter heeft verzuimd bij de bepaling van de straf uitdrukkelijk op de voet van het bepaalde in artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht rekening te houden met de omstandigheid dat de verdachte bij beslissing van een rechterlijke instantie in Frans-Guyana van 3 december 2002 is veroordeeld tot een gevangenisstraf. Het hof overweegt hieromtrent het volgende. Artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht luidt als volgt: Indien iemand, na veroordeling tot straf, opnieuw wordt schuldig verklaard aan misdrijf of overtreding vóór die veroordeling gepleegd, zijn de bepalingen van deze titel voor het geval van gelijktijdige berechting van toepassing. Deze bepaling strekt ertoe te voorkomen dat door het afzonderlijk aanbrengen van zaken, de -voor de verdachte in beginsel gunstige- samenloopregeling als vervat in de artikelen 56 tot en met 62 van het Wetboek van Strafrecht niet zou kunnen worden toegepast. Gelet op de tekst en de strekking van de genoemde wetsartikelen, levert een buitenlandse rechterlijke beslissing geen veroordeling op als bedoeld in artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht, zelfs niet indien door de Nederlandse rechter verlof wordt verleend tot tenuitvoerlegging van die buitenlandse rechterlijke beslissing en daartoe straf wordt opgelegd overeenkomstig het bepaalde in artikel 31 van de Wet overdracht tenuitvoerlegging strafvonnissen (WOTS). Artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht is in het onderhavige geval derhalve niet van toepassing, zodat het verweer geen doel treft. In hetgeen van de zijde van de verdediging verder nog naar voren is gebracht, vindt het hof geen aanleiding om een andere straf op te leggen dan door de eerste rechter is opgelegd. B E S L I S S I N G: Het hof: Bevestigt het beroepen vonnis. Dit arrest is gewezen door Mr. Rijken, als voorzitter Mrs. Huurman-van Asten en De Vries-Leemans, als raadsheren in tegenwoordigheid van Mr. Kroes, als griffier. Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 7 oktober 2003. U I T D R A A I G E G E V E N S 1e A A N L E G zaaknr.: 05 tijd : 14.30 verdachte: [verdachte], geboren te [geboorte[geboorteplaats], op [geboortedatum] 1961, , thans preventief gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting "Oosterhoek" te Grave. thans zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande. Is bij vonnis van de rechtbank te 's-Hertogenbosch van 3 april 2003 ter zake van: "Diefstal door twee of meer verenigde personen, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken"; veroordeeld tot: 30 mnd. gev.strf. OV, waarv. 6 mnd. VV, 2 jr. prft., MAV