Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

AR2659

Datum uitspraak2004-09-09
Datum gepubliceerd2004-09-23
RechtsgebiedBelasting
Soort ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
Instantie naamGerechtshof Leeuwarden
ZaaknummersBK 6/04 Arbeidsongeschiktheidsverzekering Zelfstandigen
Statusgepubliceerd


Indicatie

Volgens de belanghebbende is het opleggen van een aanslag onrechtvaardig omdat hij bij een eventuele arbeidsongeschiktheid geen uitkering zal ontvangen vanwege zijn vaste inkomen, terwijl hij wel premie betaalt.


Uitspraak

BELASTINGKAMER GERECHTSHOF TE LEEUWARDEN UITSPRAAK Kenmerk: BK-04/00006 9 september 2004 Uitspraak van het Gerechtshof te Leeuwarden, eerste enkelvoudige belastingkamer, op het beroep van X te Z (: de belanghebbende) tegen de uitspraak van de voorzitter van het managementteam van de belastingdienst/noord (: de inspecteur), gedaan op het bezwaarschrift van belanghebbende tegen de hem opgelegde aan-slag 2002 Premie arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (: WAZ). 1. Het procesverloop: 1.1. Genoemde uitspraak is van 28 november 2003. 1.2. Van deze uitspraak is de belanghebbende bij een op 6 januari 2004 bij het hof binnengekomen beroepschrift in beroep gekomen. 1.3. Het verweerschrift van de inspecteur is op 19 maart 2004 bij het hof binnengekomen. 1.4. De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op de zitting van 17 juni 2004, gehouden te Leeuwarden, alwaar aanwezig waren de belanghebbende alsmede de inspecteur. 1.5. De inspecteur heeft op de zitting haar pleitnota voorgelezen en aan het hof overgelegd. 1.6. Van alle genoemde (en hierna nog te noemen) stukken moet de inhoud als hier ingevoegd worden beschouwd. 2. Het geschil. 2.1. Volgens de belanghebbende is het opleggen van een aanslag onrechtvaardig omdat hij bij een eventuele arbeidsongeschiktheid geen uitkering zal ontvangen vanwege zijn vaste inkomen, terwijl hij wel premie betaalt. 2.2.De inspecteur concludeert tot bevestiging van de uitspraak. 2.3. Voor de overige standpunten van partijen verwijst het hof naar de gedingstukken. Daaraan zijn ter zitting geen nieuwe standpunten toegevoegd. 4. De overwegingen omtrent het geschil. 4.1. Ingevolge artikel 3, eerste lid WAZ is belanghebbende verzekerd ingevolge de WAZ. Derhalve is belanghebbend ingevolge artikel 71 premieplichtig en heeft hij recht op een uitkering. Daar doet niet aan af dat belanghebbende zoals hij heeft aangevoerd een uitkering niet geldend kan maken. 4.2. Het beroep is gelet op het voorgaande ongegrond. 5. De proceskosten: Het gerechtshof acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten als bedoeld in artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht. 6. De beslissing. Het hof: verklaart het beroep ongegrond. Gedaan door Prof. mr Aardema, vice-president, voorzitter, lid van de eerste enkelvoudige belastingkamer, in tegenwoordigheid van de heer Haarsma als griffier en in het openbaar uitgesproken te Leeuwarden op 9 september 2004 door de voorzitter, in tegenwoordigheid van de griffier. De griffier, De voorzitter, M. Haarsma Prof. mr E. Aardema Afschrift per aangetekende post aan partijen verzonden op: 22 september 2004 De griffier van het Gerechtshof te Leeuwarden.