
Jurisprudentie
AR8170
Datum uitspraak2004-12-23
Datum gepubliceerd2004-12-24
RechtsgebiedBestuursrecht overig
Soort ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
Instantie naamRechtbank Leeuwarden
Zaaknummers04/1309 WRO
Statusgepubliceerd
Datum gepubliceerd2004-12-24
RechtsgebiedBestuursrecht overig
Soort ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
Instantie naamRechtbank Leeuwarden
Zaaknummers04/1309 WRO
Statusgepubliceerd
Indicatie
Beroep tegen besluit over reconstructie provinciale weg. Niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding.
Uitspraak
RECHTBANK LEEUWARDEN
Sector bestuursrecht
Uitspraak ex artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht
Reg.nr.: 04/1309 WRO
Inzake het geding tussen
[A], wonende te [B], eiser,
en
Gedeputeerde Staten van de provincie Fryslân, verweerder.
Procesverloop
Bij brief van 29 oktober 2002 heeft verweerder eiser mededeling gedaan van zijn besluit op bezwaar, betreffende de toepassing van de Wegenwet.
Tegen dit besluit heeft eiser beroep ingesteld bij de rechtbank.
Motivering
Op grond van de art. 6:7, 6:8, 6:9 en 6:11 Algemene wet bestuursrecht (Awb) geldt het volgende.
De termijn voor het indienen van een beroepschrift bedraagt zes weken. Deze termijn vangt aan met ingang van de dag na die waarop het bestreden besluit op de voorgeschreven wijze is bekendgemaakt. Een beroepschrift is tijdig ingediend indien het voor het einde van de termijn is ontvangen. Bij verzending per post is een beroepschrift tijdig ingediend indien het voor het einde van de termijn ter post is bezorgd, mits het niet later dan een week na afloop van de termijn is ontvangen. Ten aanzien van een na afloop van de gestelde termijn ingediend beroepschrift blijft niet-ontvankelijkverklaring op grond daarvan achterwege, indien redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest.
Het bestreden besluit is op 29 oktober 2002 op de voorgeschreven wijze bekendgemaakt. Het beroepschrift is blijkens de poststempel op de envelop waarin het zich bevond op 12 november 2004 verzonden, en op 15 november 2004 ter griffie ontvangen. Het beroepschrift is derhalve niet tijdig ingediend.
De rechtbank stelt vast dat niet is gebleken van feiten of omstandigheden op grond waarvan het indienen van het beroepschrift buiten de beroepstermijn met toepassing van art. 6:11 van de Awb verontschuldigd kan worden.
Gelet op het bovenstaande is het beroep van eiser kennelijk niet-ontvankelijk. Voortzetting van het onderzoek is dan ook niet nodig. De rechtbank sluit het onderzoek en doet uitspraak met toepassing van art. 8:54 Awb.
De rechtbank ziet geen aanleiding voor het uitspreken van een proceskostenveroordeling.
Beslissing
De rechtbank:
verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Aldus gegeven door mr. E. de Witt, rechter, en in het openbaar uitgesproken
op 23 december 2004, in tegenwoordigheid van G. Eekkerk-Geertsma als griffier.
w.g. G. Eekkerk-Geertsma
w.g. E. de Witt
Tegen deze uitspraak staat voor belanghebbenden het rechtsmiddel verzet open. Indien u daarvan gebruik wenst te maken dient u binnen zes weken na de dag van verzending van de uitspraak een brief (verzetschrift) te zenden aan:
Rechtbank Leeuwarden
Sector Bestuursrecht
Postbus 1702
8901 CA Leeuwarden
In het verzetschrift vermeldt u dan waarom u de uitspraak niet juist vindt. U kunt daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld over het verzet te worden gehoord.
Afschtift verzonden:

