Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

AS3713

Datum uitspraak2004-12-01
Datum gepubliceerd2005-01-28
RechtsgebiedHandelszaak
Soort ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
Instantie naamRechtbank Leeuwarden
Zaaknummers60148 HA ZA 03-663
Statusgepubliceerd


Indicatie

Aandelenlease - WinstVerDriedubbelaar. De rechtbank geeft zowel Dexia als gedaagde de gelegenheid zich uit te laten omtrent de bevoegdheid van de civiele sector van de rechtbank in dit geschil dat mogelijk betrekking heeft op een huurkoopovereenkomst.


Uitspraak

Rechtbank Leeuwarden Sector civiel recht afdeling handelsrecht Uitspraak: 1 december 2004 Zaak-/Rolnummer: 60148 HAZA 03-663 VONNIS van de enkelvoudige handelskamer in de zaak van: de naamloze vennootschap Dexia Bank Nederland N.V., gevestigd te Amsterdam, eiseres in conventie, verweerster in reconventie, verder te noemen Dexia, procureur: mr. R.A. Schütz, advocaat: mr. H. Post te Helmond, tegen [gedaagde], wonende te [woonplaats], gedaagde in conventie, eiser in reconventie, procureur: mr. A.H. Lanting advocaat: mr. W.A. Tonckens te Amsterdam. PROCESGANG De zaak is bij dagvaarding van 4 augustus 2003 aanhangig gemaakt. In de procedure zijn de volgende processtukken gewisseld: * conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie van de zijde van [gedaagde]; * conclusie van repliek in conventie en van antwoord in reconventie, tevens akte houdende voorwaardelijke wijziging van eis in conventie, van de zijde van Dexia; * conclusie van dupliek in conventie en van repliek in reconventie, tevens antwoordakte inzake de voorwaardelijke wijziging van eis in conventie van de zijde van [gedaagde]; * akte voorwaardelijke wijziging van eis in reconventie van de zijde van [gedaagde]; * conclusie van dupliek in reconventie van de zijde van Dexia; * akte uitlating producties van de zijde van [gedaagde]. Partijen hebben producties overgelegd. Ten slotte is door partijen vonnis gevraagd. RECHTSOVERWEGINGEN 1. De vordering De vordering van Dexia strekt er toe dat de rechtbank, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagde] veroordeelt om aan haar, tegen behoorlijk bewijs van kwijting, te betalen een bedrag van 11.376,65 euro, vermeerderd met de contractuele rente ad 0,96% per maand, althans de wettelijke rente, over 9.516,19 euro vanaf 7 juni 2003 tot de dag der algehele voldoening, met veroordeling van [gedaagde] in de kosten van de procedure. [gedaagde] heeft tegen de vordering verweer gevoerd met conclusie tot niet-ontvankelijk verklaring, althans ontzegging van de eis, en tot veroordeling van Dexia in de kosten van het geding, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad. In reconventie heeft [gedaagde] gevorderd dat de rechtbank, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, Dexia veroordeelt om aan hem tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen een bedrag van 5.700,60 euro, te vermeerderen met de wettelijke rente berekend vanaf de data waarop de door hem betaalde maandtermijnen zijn voldaan, althans vanaf 19 november 2003 tot de dag der algehele voldoening, met veroordeling van Dexia in de kosten van de procedure. Dexia heeft tegen deze vordering verweer gevoerd met conclusie tot niet-ontvankelijk verklaring, en verwijzing van [gedaagde] in de kosten van het geding. Beoordeling van het geschil 1. Zowel de vordering in conventie als die in reconventie vindt grondslag in een tussen partijen gesloten overeenkomst, onder de naam Winstverdriedubbelaar. Deze overeenkomst lijkt, voorshands, betrekking te hebben op een vorm van huurkoop. Inmiddels is uit landelijke jurisprudentie gebleken en in ressortelijke afspraken vastgelegd dat de beoordeling van geschillen, voortvloeiend uit dergelijke overeenkomsten, tot de absolute bevoegdheid van de kantonrechter behoort. De rechtbank is dan ook voornemens de zaak, in de stand waarin zij zich bevindt, te verwijzen naar de sector kanton. Dit echter niet na partijen in de gelegenheid te hebben gesteld zich hieromtrent uit te laten. De zaak zal hiertoe worden verwezen naar de rol van 29 december 2004. 2. Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden. BESLISSING De rechtbank verwijst de zaak naar de rolzitting van 29 december 2004, teneinde partijen in de gelegenheid te stellen zich bij akte uit te laten over de bevoegdheid van deze rechtbank, dan wel die van de kantonrechter; houdt iedere verdere beslissing aan. Dit vonnis is gewezen door mr. J.E. Biesma en in het openbaar uitgesproken door de rolrechter op 1 december 2004. fn 342