Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

AS9740

Datum uitspraak2005-03-08
Datum gepubliceerd2005-03-10
RechtsgebiedStraf
Soort ProcedureHoger beroep
Instantie naamGerechtshof Arnhem
Zaaknummers21-001558-04
Statusgepubliceerd


Indicatie

Uit de beschikbare stukken en hetgeen ter terechtzitting naar voren is gebracht is het hof van oordeel dat verdachte zich niet willens en wetens heeft blootgesteld aan de aanmerkelijke kans dat het gevolg, namelijk de dood dan wel het zwaar lichamelijk letsel, zal intreden. Dat het aangaan van onbeschermde seksuele contacten door een HIV-besmet persoon, zoals verdachte, gevaarzettend en daarmee ongewenst is, brengt op zichzelf nog niet mee dat daardoor een naar algemene ervaringsregels als aannemelijk te beschouwen kans op besmetting – en dus op het oplopen van zwaar lichamelijk letsel – in het leven wordt geroepen. Dat brengt mee dat van het tenlastegelegde moet worden vrijgesproken.


Uitspraak

Parketnummer: 21-001558-04 Uitspraak dd.: 8 maart 2005 TEGENSPRAAK Gerechtshof te Arnhem meervoudige kamer voor strafzaken Arrest gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank te Zwolle van 24 november 2003 in de strafzaak tegen [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [1979], wonende te [woonplaats], [adres]. Het hoger beroep De verdachte en de officier van justitie hebben tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van het hof van 15 november 2004 en 22 februari 2005 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal (zie voor de inhoud van de vordering bijlage I), na voorlezing aan het hof overgelegd, en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht. Het vonnis waarvan beroep Het hof zal het vonnis, waarvan beroep, vernietigen nu het tot een andere bewijsbeslissing komt en daarom opnieuw rechtdoen. De tenlastelegging Aan verdachte is tenlastegelegd dat: (zie voor de inhoud van de dagvaarding bijlage II) Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging. Vrijspraak Het hof heeft uit het onderzoek ter terechtzitting niet door de inhoud van wettige bewijsmiddelen de overtuiging bekomen, dat verdachte het primair en subsidiair tenlastegelegde heeft begaan, zodat verdachte daarvan behoort te worden vrijgesproken. Het hof overweegt hieromtrent het volgende. Blijkens de verklaring van de behandelend arts van verdachte wordt verdachte sedert oktober 2000 behandeld met anti-HIV remmers en is de viral-load in zijn bloed sedert maart 2001 onmeetbaar laag, hetgeen ook bij de laatste controle in mei 2004 nog steeds zo was. De ter terechtzitting van 22 februari 2005 gehoorde getuige-deskundige professor S.A. Danner, heeft verklaard dat de kans op besmetting met het HIV-virus via orale seks met iemand wiens viral load zeer laag is circa 1:25.000 / 30.000 bedraagt. Met een normale viral load is de kans op besmetting met het HIV-virus via oraal contact 1:2.000 / 3.000. In de schriftelijke verklaringen van deskundigen, welke door de raadsman zijn overgelegd, wordt gesproken over een besmettingskans die klein is (0 tot 0,04%) respectievelijk een extreem kleine kans. Bijzondere risicoverhogende omstandigheden zijn ter terechtzitting niet gebleken. Uit de beschikbare stukken en hetgeen ter terechtzitting naar voren is gebracht is het hof van oordeel dat verdachte zich niet willens en wetens heeft blootgesteld aan de aanmerkelijke kans dat het gevolg, namelijk de dood dan wel het zwaar lichamelijk letsel, zal intreden. Dat het aangaan van onbeschermde seksuele contacten door een HIV-besmet persoon, zoals verdachte, gevaarzettend en daarmee ongewenst is, brengt op zichzelf nog niet mee dat daardoor een naar algemene ervaringsregels als aannemelijk te beschouwen kans op besmetting - en dus op het oplopen van zwaar lichamelijk letsel - in het leven wordt geroepen. Dat brengt mee dat van het tenlastegelegde moet worden vrijgesproken. BESLISSING Het hof: Vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en doet opnieuw recht: Verklaart niet bewezen, dat verdachte het primair en subsidiair tenlastegelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij. Aldus gewezen door mr Mintjes, voorzitter, mrs Roessingh-Bakels en Berger, raadsheren, in tegenwoordigheid van mr Van Zwol, griffier, en op 8 maart 2005 ter openbare terechtzitting uitgesproken. Mr. Berger is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.