Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

AT8560

Datum uitspraak2005-04-28
Datum gepubliceerd2005-07-01
RechtsgebiedBestuursrecht overig
Soort ProcedureHoger beroep
Instantie naamGerechtshof Leeuwarden
ZaaknummersWAHV 04/00900
Statusgepubliceerd


Indicatie

Bij tussenarrest d.d. 18 november 2004 heeft het hof nadere informatie ingewonnen. Ook op grond van de thans beschikbare gedingstukken kan niet worden vastgesteld dat gebruik is gemaakt van een niet ingevolge het Besluit uitlaatsystemen motorvoertuigen en bromfietsen goedgekeurd type uitlaatsysteem. Derhalve kan niet worden geconcludeerd dat sprake is geweest van de gedraging als bestuurder van een motorvoertuig of bromfietser onnodig geluid veroorzaken". Inleidende beschikking vernietigd.


Uitspraak

WAHV 04/00900 28 april 2005 CJIB 09067076748 Gerechtshof te Leeuwarden Arrest op het hoger beroep tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank te Groningen van 7 juni 2004 betreffende [betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene), wonende te [woonplaats] 1. De inhoud van het tussenarrest van dit hof van 18 november 2004 wordt hier overgenomen. 2. Het verdere procesverloop Ingevolge voormeld tussenarrest heeft de advocaat-generaal bij brief van 5 januari 2005 inlichtingen verstrekt. Afschriften van de inlichtingen zijn aan de betrokkene gezonden. De betrokkene heeft schriftelijk gereageerd op de inlichtingen. 3. Beoordeling 3.1. De verbalisant heeft ten aanzien van de gedraging in een proces-verbaal van aanvulling d.d. 5 januari 2005 nader aangegeven, zakelijk weergegeven, dat een Honda-dealer in Hoogezand hem heeft meegedeeld dat een type Honda personenauto als waar het in deze zaak om gaat, normaal gesproken niet is voorzien van een uitlaatsysteem met vier uitlaatpijpen. De verbalisant trekt hieruit de conclusie dat het voertuig was voorzien van een ander uitlaatsysteem dan het originele uitlaatsysteem. Nadere gegevens omtrent het gebruikte uitlaatsysteem ontbreken. 3.2. De betrokkene heeft in zijn schriftelijke reactie nog gewezen op het feit dat voor zijn auto diverse uitlaten verkrijgbaar zijn met vier uitlaatpijpen. 3.3. In navolging van hetgeen de advocaat-generaal in de brief van 5 januari 2005 heeft opgemerkt overweegt het hof dat ook op grond van de thans beschikbare stukken van het geding niet vastgesteld kan worden dat gebruik is gemaakt van een niet ingevolge het Besluit uitlaatsystemen motorvoertuigen en bromfietsen goedgekeurd type uitlaatsysteem. Derhalve kan niet geconcludeerd worden dat sprake is geweest van de gedraging "als bestuurder van een motorvoertuig of als bromfietser onnodig geluid veroorzaken". 3.4. De beslissing van de kantonrechter zal, zij het op andere gronden, worden bevestigd. 3.5. Niet gebleken is dat de betrokkene in hoger beroep kosten heeft gemaakt die voor vergoeding in aanmerking komen. 4. De beslissing Het gerechtshof: bevestigt de beslissing van de kantonrechter; vernietigt de beschikking waarbij onder CJIB-nr. 09067076748 de administratieve sanctie is opgelegd; bepaalt dat hetgeen door de betrokkene op de voet van art. 11 WAHV tot zekerheid is gesteld, te weten een bedrag van Euro 86,--, door de advocaat-generaal aan hem wordt gerestitueerd. Dit arrest is gewezen door mrs. Dijkstra, Poelman en Weenink, in tegenwoordigheid van mr. Hiemstra als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.