Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

BA2937

Datum uitspraak2007-04-13
Datum gepubliceerd2007-04-13
RechtsgebiedStraf
Soort ProcedureEerste aanleg - meervoudig
Instantie naamRechtbank Zutphen
Zaaknummers06/460197-06
Statusgepubliceerd


Indicatie

De verdachte wordt sexueel misbruik van 3 toentertijd minderjarige slachtoffers ten laste gelegd. De rechtbank acht de officier van justitie niet ontvankelijk voor de feiten die verdachte ten laste gelegd zijn en begaan zijn in de periode tot [geboortedag verdachte] 1990, aangezien de vervolgingsbevoegdheid door verjaring is vervallen. Voor het seksueel misbruik, begaan na [geboortedag verdachte] 1990, veroordeelt de rechtbank verdachte tot een taakstraf van 240 uur.


Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN Sector Straf Meervoudige kamer Parketnummer: 06/460197-06 Uitspraak d.d.: 13 april 2007 Tegenspraak / dip / oip VERKORT VONNIS in de zaak tegen de destijds minderjarige: [verdachte], geboren te [plaats] op [geboortedatum], wonende te [postcode plaats], [adres]. Onderzoek van de zaak Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 18 juli 2006 en 30 maart 2007 en het op 1 augustus 2006 gewezen tussenvonnis. Ter terechtzitting gegeven beslissingen Ter terechtzitting van 18 juli 2007 zijn de volgende beslissingen gegeven: - De voorzitter van de rechtbank gelast een openbare behandeling van de zaak, nu naar zijn oordeel het belang van de openbaarheid van de zitting zwaarder weegt dan het belang van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de verdachte en diens medeverdachte. De feiten zijn langer geleden gepleegd en de verdachte is inmiddels ruim meerderjarig; - Het namens verdachte door de raadsvrouw gedane preliminaire verzoek tot aanhouding van de behandeling van de strafzaken is afgewezen. De tenlastelegging Nadat de tenlastelegging op de terechtzitting is gewijzigd - waarbij de rechtbank begrijpt dat de officier van justitie in haar vordering wijziging tenlastelegging onder C, in plaats van feit 6, kennelijk feit 7 heeft bedoeld - is aan de verdachte ten laste gelegd dat: 1. hij op meerdere, althans een tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 oktober 1988 tot en met 30 november 1991, in de gemeente Ermelo en/of in de gemeente Amersfoort, althans in Nederland tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) buiten echt, vleselijke gemeenschap heeft gehad met een vrouw (door zijn/hun penis(sen) in haar vagina te brengen), die de leeftijd van twaalf, maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, te weten met [slachtoffer 1], geboren op [...] 1976; art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht art 242 Wetboek van Strafrecht art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht 2. hij op meerdere, althans een tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 december 1991 tot en met 4 april 1992 te gemeente Ermelo en/of Amersfoort, althans in Nederland tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, door geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) [slachtoffer 1] heeft gedwongen tot het ondergaan van (een) handeling(en) die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1], hebbende verdachte en/of (een of meer van) zijn mededader(s) - meermalen, althans eenmaal zijn/hun penis(sen) in de vagina en/of mond van die [slachtoffer 1] geduwd en/of gestopt en/of - meermalen, althans eenmaal zijn/hun vinger(s) in de vagina en/of anus van die [slachtoffer 1] geduwd en/of gestopt en/of - meermalen, althans eenmaal (over/in) de borsten en/of de vagina en/of de schaamstreek van die [slachtoffer 1] betast en/of gestreeld en/of geknepen en/of gebeten en/of gewreven en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die bedreiging met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) hierin dat verdachte en/of (een of meer van) zijn mededader(s) - plotseling en onverhoeds en/of met kracht die [slachtoffer 1] hebben/heeft vastgepakt en/of vastgehouden en/of - de kleding van die [slachtoffer 1] hebben/heeft uitgetrokken en/of - meermalen, althans eenmaald die [slachtoffer 1] hebben/heeft geslagen en/of - meermalen, althans eenmaal de deur van de ruimte waarin die [slachtoffer 1] zich bevond op slot heeft/hebben gedaan, althans die [slachtoffer 1] hebben/heeft ingesloten en/of - die [slachtoffer 1] heeft/hebben geboden om seksuele handelingen te verrichten en/of - fysieke en/of psychische overwicht hebben/heeft op die [slachtoffer 1] en/of (aldus) voor die [slachtoffer 1] een bedreigende situatie heeft doen ontstaanartikel 242 wetboek van Strafrecht ALTHANS, dat hij op meerdere, althans een tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 december 1991 tot en met 4 april 1992, in de gemeente Ermelo en/of Amersfoort, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander, althans alleen, (telkens) met [slachtoffer 1], geboren op [...] 1976, die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, (telkens) buiten echt een of meer ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd, die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam [slachtoffer 1], hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) - meermalen, althans eenmaal zijn/hun penis(sen) in de vagina en/of mond van die [slachtoffer 1] geduwd en/of gestopt en/of - meermalen, althans eenmaal zijn/hun vinger(s) in de vagina en/of anus van die [slachtoffer 1] geduwd en/of gestopt en/of - meermalen, althans eenmaal (over/in) de borsten en/of de vagina en/of de schaamstreek van die [slachtoffer 1] betast en/of gestreeld en/of gewreven en/of geknepen en/of gebeten; art 245 lid 1 Wetboek van Strafrecht 3. hij meerdere, althans een tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 23 november 1989 tot en met 22 november 1990 te gemeente Ermelo en/of Amersfoort en/of Hattem en/of Putten en/of Aalten en/of Rouveen, althans in Nederland tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen vleselijke gemeenschap heeft gehad met een meisje beneden de leeftijd van twaalf jaren, te weten met [slachtoffer 2], geboren op [...] 1978; art 245 lid 1 Wetboek van Strafrecht ALTHANS dat hij op meerdere, althans een tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 23 november 1989 tot en met 22 november 1990 te Ermelo en/of Amersfoort en/of Hattem, in elk geval in Nederland tezamen in vereniging met een ander of anderen, althans alleen met [slach[slachtoffer 2] (geboren [dag]] 1978), die de leeftijd van 16 jaar nog niet had bereikt, buiten echt ontuchtige handelingen heeft gepleegd, hebbende verdachte: - meermalen, althans eenmaal de borsten en/of vagina en/of schaamstreek van die [slachtoffer 2] betast en/of gestreeld en/of - zijn, verdachte’s, penis in de mond van die [slachtoffer 2] gebracht artikel 247 Wetboek van Strafrecht (ontucht plegen beneden 16 jaar) 4. hij op meerdere, althans een tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 23 november 1990 tot en met 30 november 1991, in de gemeente Hattem en/of de gemeente Amersfoort en/of Aalten en/of Putten en/of Rouveen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) buiten echt, vleselijke gemeenschap heeft gehad met een vrouw, die de leeftijd van twaalf, maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, te weten met [slachtoffer 2], geboren op [...] 1978; art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht art 245 lid 1 Wetboek van Strafrecht ALTHANS dat hij op meerdere, althans een tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 23 november 1990 tot en met 30 november 1991 te Ermelo en/of Hattem en/of Amersfoort, in elk geval in Nederland tezamen in vereniging met een ander of anderen, althans alleen met [slachtoffer 2] (geboren [...] 1978), die de leeftijd van 16 jaar nog niet had bereikt, buiten echt ontuchtige handelingen heeft gepleegd, hebbende verdachte: - meermalen, althans eenmaal de borsten en/of vagina en/of schaamstreek van die [slachtoffer 2] betast en/of gestreeld en/of - zijn, verdachte’s, penis in de mond van die [slachtoffer 2] gebracht en/of zich laten aftrekken artikel 247 Wetboek van Strafrecht (ontucht plegen beneden 16 jaar) 5. hij op meerdere, althans een tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 december 1991 tot en met 4 april 1992, in de gemeente Hattem en/of de gemeente Amersfoort en/of gemeente Aalten en/of Hattem en/of Putten, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met [slachtoffer 2], geboren op [...] 1978, die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt een of meer ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd, die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 2] hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) - meermalen, althans eenmaal zijn/hun penis(sen) in de vagina en/of mond van die [slachtoffer 2] geduwd en/of gestopt en/of - meermalen, althans eenmaal zijn/hun vinger(s) in de vagina en/of anus van die [slachtoffer 2] geduwd en/of gestopt en/of - meermalen, althans eenmaal (over/in) de borsten en/of de vagina en/of de schaamstreek van die [slachtoffer 2] betast en/of gestreeld en/of geknepen en/of gebeten en/of gewreven; art 247 Wetboek van Strafrecht 6. hij op meerdere, althans een tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 december 1991 tot en met 4 april 1992 te gemeente Ermelo en/of Amersfoort en/of Hattem en/of Aalten en/of Rouveen en/of Putten, althans in Nederland tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, door geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) [slachtoffer 2] heeft gedwongen tot het ondergaan van (een) handeling(en) die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 2], hebbende verdachte en/of (een of meer van) zijn mededader(s) - meermalen, althans eenmaal zijn/hun penis(sen) in de vagina en/of mond van die [slachtoffer 2] geduwd en/of gestopt en/of - meermalen, althans eenmaal zijn/hun vinger(s) in de vagina en/of anus van die [slachtoffer 2] geduwd en/of gestopt en/of - meermalen, althans eenmaal (over/in) de borsten en/of de vagina en/of de schaamstreek van die [slachtoffer 2] betast en/of gestreeld en/of geknepen en/of gebeten en/of gewreven en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die bedreiging met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) hierin dat verdachte en/of (een of meer van) zijn mededader(s) - plotseling en onverhoeds en/of met kracht die [slachtoffer 2] hebben/heeft vastgepakt en/of vastgehouden en/of - de kleding van die [slachtoffer 2] hebben/heeft uitgetrokken en/of - meermalen, althans eenmaald die [slachtoffer 2] hebben/heeft geslagen en/of - meermalen, althans eenmaal de deur van de ruimte waarin die [slachtoffer 2] zich bevond op slot heeft/hebben gedaan, althans die [slachtoffer 2] hebben/heeft ingesloten en/of - die [slachtoffer 2] heeft/hebben geboden om seksuele handelingen te verrichten en/of - fysieke en/of psychische overwicht hebben/heeft op die [slachtoffer 2] en/of (aldus) voor die [slachtoffer 2] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan art 242 Wetboek van Strafrecht art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht 7. hij op meerdere, althans een tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 januari 1988 tot en met 20 oktober 1991 te Hattem, althans in Nederland tezamen en in vereniging met een ander of anderen, door geweld of bedreiging met geweld [slachtoffer 3] (geboren [...] 1977) heeft gedwongen tot het plegen of dulden van ontuchtige handelingen, bestaande uit het: - meermalen, althans eenmaal betasten en/of strelen over de borsten en/of vagina en/of schaamstreek van die [slachtoffer 3] en/of - meermalen, althans eenmaal brengen van zijn verdachte's en/of verdachte's mededader vinger(s) in de vagina van die [slachtoffer 3] en bestaande dat geweld en/of die bedreiging met gewld hierin dat verdachte en/of zijn mededader uit - het plotseling en onverhoeds en/of stevig vastpakken en/of vasthouden van die [slachtoffer 3] en/of - het op slot doen van de deur van de ruimte waarin die [slachtoffer 3] zich bevond, althans het insluiten van die [slachtoffer 3] en/of - het fysieke en/of pyschische overwicht van verdachte en/of zijn mededader op die [slachtoffer 3] en/of (aldus) voor die [slachtoffer 3] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan. art 246 Wetboek van Strafrecht art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht Taal- en/of schrijffouten Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten en/of kennelijke omissies voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging. Ontvankelijkheid van de officier van justitie De rechtbank stelt vast dat verdachte op [verjaardag verdachte] 1990 16 jaar is geworden. Met betrekking tot de feiten 1, 3 en 7 dient het Openbaar Ministerie partieel niet-ontvankelijk te worden verklaard nu de vervolgingsbevoegdheid aangaande de periode voorafgaand aan [verjaardag verdachte] 1990 door verjaring is vervallen. Vrijspraak Naar het oordeel van de rechtbank is niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 2 primair en subsidiair, 3 primair, 4 primair en subsidiair, 5, 6 en 7 ten laste gelegde heeft begaan. De verdachte behoort hiervan te worden vrijgesproken. Ten aanzien van de feiten 2 primair en subsidiair, 3 primair, 4 primair en subsidiair en 7 ziet de rechtbank af van een nadere toelichting nu de officier voor deze feiten vrijspraak heeft gevorderd. De rechtbank overweegt ten aanzien van de feiten 5 en 6 dat aangeefster bij de politie heeft verklaard dat zij ten tijde van het tweede incident ongeveer 13 jaar oud was en in het tweede of derde jaar van haar opleiding zat. Bij de rechter-commissaris heeft zij met betrekking tot de tweede in de aangifte beschreven gebeurtenis verklaard dat zij zich kon herinneren dat [verdachte] toen allemaal nietjes in/op zijn hoofd had. Verdachte heeft echter bij de rechter-commissaris verklaard dat hij in juni 1997 een ongeluk met de auto heeft gehad en hechtingen in zijn hoofd had, hetgeen hij met stukken heeft onderbouwd. Gelet op het feit dat aangeefster het tweede incident koppelt aan het auto-ongeluk van verdachte en het feit dat het ongeluk in een geheel andere periode plaatsvond dan de ten laste gelegde periode, is de rechtbank van oordeel dat de verklaring van aangeefster met betrekking tot het tijdstip waarop de gebeurtenissen zien onvoldoende betrouwbaar is en verdachte daarom dient te worden vrijgesproken. Bewezenverklaring Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 en 3 subsidiair ten laste gelegde heeft begaan, te weten dat: 1a hij op tijdstippen in de periode van 5 april 1990 tot en met 30 november 1991, in de gemeente Ermelo tezamen en in vereniging met een ander, telkens buiten echt, vleselijke gemeenschap heeft gehad met een vrouw (door hun penissen in haar vagina te brengen), die de leeftijd van twaalf, maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, te weten met [slachtoffer 1], geboren op [...] 1976; 1b hij op een tijdstip in de periode van 5 april 1990 tot en met 30 november 1991, in de gemeente Ermelo buiten echt, vleselijke gemeenschap heeft gehad met een vrouw (door zijn penis in haar vagina te brengen), die de leeftijd van twaalf, maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, te weten met [slachtoffer 1], geboren op [...] 1976; 3. hij in de periode van 5 april 1990 tot en met 22 november 1990 te Hattem met [slachtoffer 2] (geboren [...] 1978), die de leeftijd van 16 jaar nog niet had bereikt, buiten echt ontuchtige handelingen heeft gepleegd, hebbende verdachte: - de borsten en/of vagina en/of schaamstreek van die [slachtoffer 2] betast en/of gestreeld. Bewijsoverweging De rechtbank heeft zich bij de bewezenverklaring gebaseerd op de aangiftes van de slachtoffers, de verklaring van verdachte ter terechtzitting van 18 juli 2006 en de verklaring die verdachte bij de rechter-commissaris heeft afgelegd. Vrijspraak van het meer of anders ten laste gelegde Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is naar het oordeel van de rechtbank niet bewezen. De verdachte behoort daarvan te worden vrijgesproken. Strafbaarheid van het bewezen verklaarde Het bewezene levert op de misdrijven: Feit 1a: het in vereniging met een ander met iemand die de leeftijd van twaalf, maar nog niet die van zestien jaren heeft bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen plegen die bestaan die bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd; Feit 1b: met iemand die de leeftijd van twaalf, maar nog niet die van zestien jaren heeft bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen plegen die bestaan die bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam; Feit 3 subsidiair: met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren buiten echt ontuchtige handelingen plegen. Strafbaarheid van de verdachte Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Toepassing meerderjarigen strafrecht Hoewel de verdachte ten tijde van het begaan van het hierboven ten laste gelegde en bewezen verklaarde de leeftijd van zestien doch nog niet die van achttien jaren had bereikt, vindt de rechtbank grond recht te doen overeenkomstig de bepalingen voor strafrechtelijk meerderjarigen, in de ernst van de begane feiten en de omstandigheden waaronder een en ander is begaan. Oplegging van straf en/of maatregel De officier van justitie heeft gevorderd verdachte te veroordelen tot 6 maanden gevangenisstraf. Gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, alsmede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, acht de rechtbank een taakstraf als na te melden op zijn plaats. Deze taakstraf zal moeten worden verricht op een projectplaats als opgenomen in de door de Stichting Reclassering Nederland gehanteerde lijst van projectplaatsen. De rechtbank heeft bij de straftoemeting enerzijds in aanmerking genomen dat verdachte door te handelen als bewezen verklaard, grovelijk inbreuk heeft gemaakt op de lichamelijke integriteit van zijn jeugdige slachtoffers. Hij heeft misbruik gemaakt van het overwicht, dat hij als neef had op zijn slachtoffers en zich voornamelijk laten leiden door zijn eigen seksuele behoeften, waarbij hij voorbij is gegaan aan de aarzelingen en tegenwerpingen van de slachtoffers. Algemeen bekend is dat de gevolgen van afgedwongen seksuele contacten voor de slachtoffers veelal ernstig en langdurig kunnen zijn. Aannemelijk is geworden dat de slachtoffers veel leed hebben ondervonden en nog ondervinden als gevolg van hetgeen hen door verdachte is aangedaan. In samenhang met de beperkte bewezenverklaring heeft de rechtbank anderzijds rekening gehouden met de omstandigheid dat verdachte geen seksuele voorlichting heeft gehad en dat hij van de ernst van hetgeen hij de slachtoffers heeft aangedaan, thans volledig lijkt te zijn doordrongen. Verder heeft de rechtbank in aanmerking genomen dat de bewezen verklaarde feiten lange tijd geleden hebben plaatsgevonden, dat verdachte toen ook zelf nog minderjarig was en dat hij lange tijd heeft geleefd onder de druk van het strafproces. Ten slotte heeft de rechtbank in aanmerking genomen dat verdachte geen relevante justitiële documentatie heeft en, naar het zich laat aanzien, maatschappelijk goed in ingebed. Gelet op het voorgaande ziet de rechtbank geen aanleiding aan verdachte een (deels) voorwaardelijke straf op te leggen. Vordering tot schadevergoeding De benadeelde partijen [slachtoffer 2], wonende te [postcode plaats], [adres], en [slachtoffer 1] wonende te [postcode plaats], [adres], hebben te kennen gegeven de door hun ingediende vorderingen tot schadevergoeding in te trekken. Toepasselijke wettelijke voorschriften Deze strafoplegging/beslissing is gegrond op de artikelen 1, 22c, 22d, 27, 47, 57, 77b, 245 (oud en nieuw) en 247 van het Wetboek van Strafrecht. Beslissing De rechtbank beslist als volgt. Verklaart de officier van justitie niet-ontvankelijk in de strafvervolging voor zover dit betreft de periode voor [verjaardag verdachte] 1990. Verklaart niet bewezen, dat verdachte het onder 2 primair en subsidiair, 3 primair, 4 primair en subsidiair, 5, 6 en 7 ten laste gelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij. Verklaart, zoals hiervoor overwogen, bewezen dat verdachte het onder 1 en 3 subsidiair ten laste gelegde heeft begaan. Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij. Verklaart het bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart verdachte strafbaar. Veroordeelt de verdachte tot de navolgende taakstraf, te weten: een werkstraf gedurende 240 uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 120 dagen. Beveelt dat voor de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van de taakstraf in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van die straf uren in mindering wordt gebracht volgens de maatstaf dat per dag in voorarrest doorgebracht 2 uur in mindering wordt gebracht. Heft op het -geschorste- bevel tot voorlopige hechtenis. Aldus gewezen door mrs. Van Harreveld, voorzitter, Bierbooms en Lucassen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. Althoff, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 13 april 2007.