Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

BA6205

Datum uitspraak2007-05-29
Datum gepubliceerd2007-06-01
RechtsgebiedCiviel overig
Soort ProcedureEerste aanleg - meervoudig
Instantie naamRechtbank Rotterdam
Zaaknummers284315 HA/RK 07-83
Statusgepubliceerd


Indicatie

wrakingszaak


Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM Meervoudige kamer voor wrakingszaken Zaaknummer : 284315 Rekestnummer : HA RK 07-83 Uitspraak : 29 mei 2007 Beslissing van de meervoudige kamer op het verzoek van: [verzoeker], wonende te [woonplaats], verzoeker, strekkende tot wraking van [de rechter], voorzieningenrechter in de rechtbank Rotterdam, sector civiel recht (hierna: de rechter). 1. Het procesverloop en de processtukken Ter zitting van 25 april 2007 is door de rechter een aanvang gemaakt met de behandeling van het door [partijen] aanhangig gemaakte kort geding met kenmerk 280057 / KG ZA 07-251. Bij gelegenheid van die behandeling heeft verzoeker de rechter gewraakt. Bij beschikking van 10 mei 2007 heeft de rechtbank het verzoek tot wraking afgewezen. Op 20 mei 2007 is ter griffie ontvangen een fax-bericht van verzoeker, waarin hij de rechter andermaal wraakt. De wrakingskamer heeft kennis genomen van het griffiedossier van het hiervoor omschreven kort geding, waarin zich onder meer bevindt voormelde beschikking van 10 mei 2007. Voorts heeft de wrakingskamer kennis genomen van: - de brief, gedateerd 21 mei 2007, van mr. A.W.M. Willems, advocaat van eisers in het kort geding en - het fax-bericht van verzoeker, gedateerd 22 mei 2007. 2. De ontvankelijkheid van het verzoek In dit tweede verzoek tot wraking van dezelfde rechter worden geen feiten of omstandigheden voorgedragen, die na het eerste verzoek tot wraking aan verzoeker bekend zijn geworden. Dit tweede verzoek kan daarom niet in behandeling worden genomen. Verzoeker is niet-ontvankelijk in zijn verzoek. 3. De beslissing verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn (tweede) verzoek tot wraking van [de rechter]. Deze beslissing is gegeven op 29 mei 2007 door mr. M.F.L.M. van der Grinten, voorzitter, mr. M.J.A.M. Ahsmann en mr. M.C. van der Kolk, rechters. Deze beslissing is door de voorzitter uitgesproken ter openbare terechtzitting in tegenwoordigheid van J.A. Faaij, griffier. Bij afwezigheid van de voorzitter en de oudste rechter is deze beslissing door de jongste rechter en de griffier ondertekend.