
Jurisprudentie
BA9682
Datum uitspraak2007-07-13
Datum gepubliceerd2007-07-17
RechtsgebiedSociale zekerheid
Soort ProcedureHoger beroep
Instantie naamCentrale Raad van Beroep
Zaaknummers06/4292 WSF
Statusgepubliceerd
Datum gepubliceerd2007-07-17
RechtsgebiedSociale zekerheid
Soort ProcedureHoger beroep
Instantie naamCentrale Raad van Beroep
Zaaknummers06/4292 WSF
Statusgepubliceerd
Indicatie
Onbevoegd verklaring hoger beroep. Terugverwijzing naar rechtbank ter behandeling als verzetschrift
Uitspraak
06/4292 WSF
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
op het hoger beroep van:
[appellant] (hierna: appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank Groningen van 12 juni 2006, kenmerk 06/485 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellant
en
de hoofddirectie van de Informatie Beheer Groep (hierna: IB-Groep)
Datum uitspraak: 13 juli 2007
I. PROCESVERLOOP
Appellant heeft hoger beroep ingesteld.
De IB-Groep heeft een verweerschrift ingediend.
De zitting heeft plaatsgevonden op 1 juni 2007. Appellant is niet verschenen. De IB-Groep was vertegenwoordigd door
mr. K.F. Hofstee.
II. OVERWEGINGEN
Appellant heeft bij de IB-Groep een bezwaarschrift ingediend naar aanleiding van een brief van een incassobureau.
Bij besluit van 15 februari 2006 heeft de IB-Groep dit bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.
Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellant ongegrond verklaard.
De Raad overweegt het volgende.
De rechtbank heeft de zaak vereenvoudigd afgedaan met toepassing van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Tegen een met toepassing van artikel 8:54 van de Awb gegeven uitspraak kan ingevolge artikel 8:55 van de Awb verzet worden gedaan bij de rechtbank. Tegen een met toepassing van artikel 8:54 van de Awb gegeven uitspraak staat ingevolge artikel 18 van de Beroepswet geen hoger beroep open. De rechtbank heeft abusievelijk een hogerberoepclausule in plaats van een verzetclausule onder haar uitspraak opgenomen.
Uit het vorenstaande volgt dat de Raad niet bevoegd is van het hoger beroep kennis te nemen.
De Raad zal het beroepschrift van appellant doorzenden naar de rechtbank ter behandeling als verzetschrift.
De Raad ziet in de omstandigheid dat de rechtbank een onjuiste rechtsmiddelclausule heeft vermeld aanleiding om te gelasten dat de griffier het griffierecht aan appellant terugbetaalt.
Er is geen grond voor een proceskostenvergoeding.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep,
Recht doende:
Verklaart zich onbevoegd;
Bepaalt dat het beroepschrift zal worden doorgezonden naar de rechtbank;
Bepaalt dat de griffier het griffierecht aan appellant terugbetaalt.
Deze uitspraak is gedaan door J. Janssen. De beslissing is, in tegenwoordigheid van D.W.M. Kaldenhoven als griffier, uitgesproken in het openbaar op 13 juli 2007.
(get.) J. Janssen.
(get.) D.W.M. Kaldenhoven.

