
Jurisprudentie
BA9781
Datum uitspraak2007-07-11
Datum gepubliceerd2007-07-18
RechtsgebiedBestuursrecht overig
Soort ProcedureVoorlopige voorziening
Instantie naamRaad van State
Zaaknummers200703394/1
Statusgepubliceerd
SectorVoorzitter
Datum gepubliceerd2007-07-18
RechtsgebiedBestuursrecht overig
Soort ProcedureVoorlopige voorziening
Instantie naamRaad van State
Zaaknummers200703394/1
Statusgepubliceerd
SectorVoorzitter
Indicatie
Bij besluit van 6 april 2007 heeft verweerder aan verzoekster een last onder dwangsom opgelegd wegens overtreding van geluidvoorschriften, verbonden aan de aan verzoekster verleende milieuvergunning voor het in werking hebben van een telefooncentrale, gelegen aan de Apeldoornsestraat 1 te Arnhem.
Uitspraak
200703394/1.
Datum uitspraak: 11 juli 2007
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid "KPN Telecom B.V.", gevestigd te 's-Gravenhage,
verzoekster,
en
het college van burgemeester en wethouders van Arnhem,
verweerder.
1. Procesverloop
Bij besluit van 6 april 2007 heeft verweerder aan verzoekster een last onder dwangsom opgelegd wegens overtreding van geluidvoorschriften, verbonden aan de aan verzoekster verleende milieuvergunning voor het in werking hebben van een telefooncentrale, gelegen aan de Apeldoornsestraat 1 te Arnhem.
Tegen dit besluit heeft verzoekster bezwaar gemaakt.
Bij brief van 14 mei 2007, bij de Raad van State ingekomen op 15 mei 2007, heeft verzoekster de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De Voorzitter heeft de zaak ter zitting behandeld op 5 juli 2007, waar verzoekster, vertegenwoordigd door drs. J.M. Verhoeven en mr. drs. R.V. van de Wildenberg, is verschenen.
2. Overwegingen
2.1. Verzoekster betoogt dat het onredelijk is dat aan haar een last onder dwangsom is opgelegd wegens het overtreden van de voor haar geldende geluidnorm van 40 dB(A), nu volgens haar is gebleken dat het referentieniveau van het omgevingsgeluid reeds 47 dB(A) bedraagt.
2.2. De Voorzitter stelt op basis van de stukken en het verhandelde ter zitting vast dat verweerder verzoekster in een schrijven van 15 juni 2007 heeft medegedeeld dat de begunstigingstermijn verlengd wordt tot zes weken nadat een beslissing is genomen op het door haar ingediende bezwaarschrift. Aldus zal tot het einde van deze termijn geen dwangsom worden verbeurd. Gelet hierop is met het verzoek niet langer een spoedeisend belang gemoeid, dat het treffen van een voorlopige voorziening rechtvaardigt.
2.3. Gezien het voorgaande dient het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening te worden afgewezen.
2.4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. K. Brink, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. P.J. Blok, ambtenaar van Staat.
w.g. Brink w.g. Blok
Voorzitter ambtenaar van Staat
Uitgesproken in het openbaar op 11 juli 2007
428

