
Jurisprudentie
BC1785
Datum uitspraak2008-01-11
Datum gepubliceerd2008-01-14
RechtsgebiedSociale zekerheid
Soort ProcedureHoger beroep
Instantie naamCentrale Raad van Beroep
Zaaknummers06/1778 WAO
Statusgepubliceerd
Datum gepubliceerd2008-01-14
RechtsgebiedSociale zekerheid
Soort ProcedureHoger beroep
Instantie naamCentrale Raad van Beroep
Zaaknummers06/1778 WAO
Statusgepubliceerd
Indicatie
Beƫindiging WAO-uitkering. Uwv heeft afdoende onderbouwd dat appellant ingaande 17 mei 2005 niet langer door ziekte of gebrek arbeidsbeperkingen ondervindt.
Uitspraak
06/1778 WAO
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
op het hoger beroep van:
[appellant] (hierna appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 9 maart 2006, 05/4357
(hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellant
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
(hierna: Uwv).
Datum uitspraak: 11 januari 2008
I. PROCESVERLOOP
Namens appellant is door mr. W.C. de Jonge hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.
Het Uwv heeft een verweerschrift ingezonden.
De zaak is behandeld ter zitting van 16 november 2007. Appellante is niet verschenen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door W.L.J. Weltevrede.
II. OVERWEGINGEN
Het inleidende beroep richt zich tegen het ter uitvoering van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) op 6 september 2005 door het Uwv genomen besluit. Dat besluit strekt, ondanks het bezwaar van appellant, tot de handhaving van het besluit van 23 maart 2005 tot de beƫindiging van de WAO-uitkering van appellant met ingang van 17 mei 2005.
Met de rechtbank is de Raad van oordeel dat het Uwv afdoende heeft onderbouwd dat appellant ingaande 17 mei 2005 niet langer door ziekte of gebrek arbeidsbeperkingen ondervindt. De Raad kan zich volledig vinden in de overwegingen van de aangevallen uitspraak en de enkel met steun van het instituut Psychosofia in hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak aangevoerde kritiek, voert de Raad niet tot een ander oordeel.
Een proceskostenveroordeling acht de Raad niet aangewezen.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep,
Recht doende:
Bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze uitspraak is gedaan door R.C. Stam. De beslissing is, in tegenwoordigheid van J.E.M.J. Hetharie als griffier, uitgesproken in het openbaar op 11 januari 2008.
(get.) R.C. Stam.
(get.) J.E.M.J. Hetharie.
JL

