Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

BD5302

Datum uitspraak2008-06-24
Datum gepubliceerd2008-06-24
RechtsgebiedStraf
Soort ProcedureEerste aanleg - meervoudig
Instantie naamRechtbank Utrecht
Zaaknummers16/446159-07 (ontneming)
Statusgepubliceerd


Indicatie

Ontnemingsvordering van 39.000 euro behorende bij LJN BD5301. Verdachte is door de rechtbank vrijgesproken van het als ambtenaar opzettelijk geld of geldswaardig papier verduisteren. Dit betekent dat de vordering moet worden afgewezen.


Uitspraak

RECHTBANK UTRECHT Sector strafrecht Parketnummer: 16/446159-07 (ontneming) Datum uitspraak: 24 juni 2008 Vonnis van de meervoudige kamer voor strafzaken op tegenspraak gewezen op vordering van de officier van justitie op grond van artikel 36e, eerste lid, Wetboek van Strafrecht, in de zaak tegen: [verdachte], geboren op [1965] te [geboorteplaats], wonende [adres]. Raadsman: mr. B.J. Tieman. Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 20 juni 2008. 1. De vordering De vordering van de officier van justitie d.d. 27 mei 2008 strekt tot het vaststellen van het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e, lid 4, Wetboek van Strafrecht, wordt geschat en het aan [verdachte] opleggen van de verplichting tot betaling aan de Staat van het geschatte voordeel tot een maximumbedrag van € 39.000,00. 2. Beoordeling van de vordering Verdachte is door de rechtbank vrijgesproken van het als ambtenaar opzettelijk geld of geldswaardig papier verduisteren. Dit betekent dat de vordering moet worden afgewezen. 6. DE BESLISSING De rechtbank: wijst de vordering tot ontneming af. Dit vonnis is gewezen door mrs. A. Wassing, C.W. Bianchi en L.M.G. de Weerd, bijgestaan door C. Lith-van den Brink als griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 24 juni 2008. Mrs. Wassing en Bianchi zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.