Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

BD5386

Datum uitspraak2008-06-25
Datum gepubliceerd2008-06-25
RechtsgebiedBestuursrecht overig
Soort ProcedureEerste aanleg - meervoudig
Instantie naamRaad van State
Zaaknummers200800137/1
Statusgepubliceerd


Indicatie

Bij besluit van 23 november 2007 heeft het college van burgemeester en wethouders van Lelystad (hierna: het college) aan de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Bon Marine B.V. een vergunning als bedoeld in artikel 8.1 van de Wet milieubeheer verleend voor het oprichten en in werking hebben van een inrichting voor het kopen en verkopen van nieuwe en gebruikte zeiljachten, het verzorgen van de afbouw ervan en winterstalling op het perceel Bolderweg 43 te Lelystad. Dit besluit is op 29 november 2007 ter inzage gelegd.


Uitspraak

200800137/1. Datum uitspraak: 25 juni 2008 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak in het geding tussen: [appellanten], wonend te [woonplaats], en het college van burgemeester en wethouders van Lelystad, verweerder. 1. Procesverloop Bij besluit van 23 november 2007 heeft het college van burgemeester en wethouders van Lelystad (hierna: het college) aan de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Bon Marine B.V. een vergunning als bedoeld in artikel 8.1 van de Wet milieubeheer verleend voor het oprichten en in werking hebben van een inrichting voor het kopen en verkopen van nieuwe en gebruikte zeiljachten, het verzorgen van de afbouw ervan en winterstalling op het perceel Bolderweg 43 te Lelystad. Dit besluit is op 29 november 2007 ter inzage gelegd. Tegen dit besluit hebben [appellanten] (hierna: [appellanten]) bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 7 januari 2008, beroep ingesteld. De gronden van het beroep zijn aangevuld bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 4 februari 2008. Het college heeft een verweerschrift ingediend. De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige. De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 11 juni 2008, waar [appellanten], vertegenwoordigd door mr. M.A. de Boer, werkzaam bij SRK Rechtsbijstand, en het college, vertegenwoordigd door mr. K.D. Vladimirova-Dimitrova en mr. J. Bos, beiden ambtenaar in dienst van de gemeente, zijn verschenen. 2. Overwegingen 2.1. Op 1 januari 2008 is het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer (hierna: het Activiteitenbesluit) en de daarmee samenhangende wijziging van artikel 8.1 van de Wet milieubeheer in werking getreden. Aangezien in verband hiermee voor de bij het bestreden besluit vergunde activiteiten geen vergunning meer is vereist, is de bij dat besluit verleende vergunning vervallen. Ingevolge artikel 6.1 van het Activiteitenbesluit worden voorschriften die zijn verbonden aan een vóór 1 januari 2008 krachtens de Wet milieubeheer verleende vergunning, die vóór die datum in werking en onherroepelijk was, onder omstandigheden als maatwerkvoorschriften aangemerkt. Omdat de bij het bestreden besluit verleende vergunning vóór 1 januari 2008 niet onherroepelijk was, zijn er geen voorschriften die worden aangemerkt als maatwerkvoorschriften. Niet is gebleken dat [appellanten] niettemin belang hebben bij de beoordeling van de rechtmatigheid van het bestreden besluit. 2.2. Het beroep is niet-ontvankelijk. 2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. 3. Beslissing De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State Recht doende in naam der Koningin: verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Aldus vastgesteld door mr. C.W. Mouton, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. C. Sparreboom, ambtenaar van Staat. w.g. Mouton w.g. Sparreboom lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van Staat Uitgesproken in het openbaar op 25 juni 2008 195-209.