Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

BD8404

Datum uitspraak2008-07-23
Datum gepubliceerd2008-07-23
RechtsgebiedStraf
Soort ProcedureEerste aanleg - meervoudig
Instantie naamRechtbank Zutphen
Zaaknummers06/580619-07
Statusgepubliceerd


Indicatie

Verdachte veroordeeld voor 7 inbraken in met name schoolgebouwen en opzetheling veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan 7 maanden voorwaardelijk, proeftijd 2 jaren en de bijzondere voorwaarde dat verdachte zich zal gedragen naar de aanwijzingen van de reclassering en zich zal laten behandelen in de Piet Roordakliniek.


Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN Sector Straf Meervoudige kamer Parketnummer: 06/580619-07 Uitspraak d.d.: 23 juli 2008 Tegenspraak / dip, oip VONNIS in de zaak tegen: [verdachte], geboren te [plaats, 1982], wonende te [adres], thans verblijvende in de Piet Roordakliniek te Apeldoorn. Onderzoek van de zaak Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 18 maart 2008 en 9 juli 2008. Bij tussenvonnis van 1 april 2008 is het onderzoek in deze zaak heropend. De tenlastelegging Nadat de omschrijving van de feiten 2, 4 en 7 van de tenlastelegging op de terechtzitting van 18 maart 2008 is gewijzigd, is aan de verdachte ten laste gelegd dat: 1. hij, op of omstreeks 3 december 2007 te Doetinchem, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening van (de buitenkant van) het pand gelegen aan de [adres], heeft weggenomen een of meer (beveiligings)camera(s), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam winkel] en/of een of meer (andere) personen, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming; art 310 Wetboek van Strafrecht art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht 2. hij, in of omstreeks de periode 13 oktober 2007 tm 14 oktober 2007 te Doetinchem, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een schoolgebouw, althans een pand gelegen aan de [adres] heeft weggenomen een computer (incl. cd-writer en/of dvd-speler en/of pci-kaarten) en/of een beamer (merk Sanyo), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Basisschool [naam basisschool], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming; art 310 Wetboek van Strafrecht art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht Althans, Hij, op of omstreeks 12 december 2007 te Doetinchem een beamer (merk Sanyo) heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of voorhanden krijgen van deze beamer wist dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof; Art. 416 lid 1ahf/ond a Wetboek van Strafrecht 3. hij, op of omstreeks de periode 28 november 2007 tm 3 december 2007 te Doetinchem, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit een berging en/of schuur behorende bij flatwoning [adres], heeft weggenomen een weideklok, en/of een schrikapparaat, en/of een compressor, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming; art 310 Wetboek van Strafrecht art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht 4. hij, op of omstreeks 11 september 2007 te Doetinchem, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een schoolgebouw, althans een pand gelegen aan de [adres], heeft weggenomen een (zwarte) versterker (van het merk Yamaha) en/of een beamer en/of een of meer geluidsbox(en), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan lagere school [naam lagere school], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming; art 310 Wetboek van Strafrecht art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht Althans, op of omstreeks 12 december 2007 te Doetinchem, een versterker (merk Yamaha) en/of een of meer geluidboxen (merk Yamaha) heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of overgedragen, terwijl ten tijde van het verwerven of voorhanden krijgen van deze versterker en/of geluidboxen wist dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof; Art. 416 lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht 5. hij, op of omstreeks de periode van 28 juni 2007 tm 2 juli 2007 te Doetinchem, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een schoolgebouw, althans een pand gelegen aan de [adres] heeft weggenomen een of meer (personal)computer(s), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Christelijke basisschool [naam basisschool], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming; art 310 Wetboek van Strafrecht art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht 6. hij, op of omstreeks 25 juni 2007 te Doetinchem tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een schoolgebouw, althans een pand gelegen aan de [adres], heeft weggenomen een of meer (computer)beeldschermen, en/of een computer, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam stichting], in ieder geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming; art 310 Wetboek van Strafrecht art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht 7. hij, op of omstreeks 17 augustus 2007 te Breedenbroek, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een pand gelegen op een sportcomplex aan de [adres], heeft weggenomen ongeveer 48 blikjes bier, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Voetbalvereniging [naam voetbalvereniging], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming; art 310 Wetboek van Strafrecht art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht 8. hij, op of omstreeks 20 juli 2007 te Etten, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een (bedrijfs)pand gelegen aan de [adres], heeft weggenomen een fiets, en/of een of meer boormachine(s), en/of een of meer zender(s), en/of een of meer (schotel)antenne(s), en/of een of meer (deur)bel(len), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam winkel 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming; art 310 Wetboek van Strafrecht art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht Taal- en/of schrijffouten Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten en/of kennelijke omissies voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging. Vrijspraak ten aanzien van het onder 2 primair ten laste gelegde 1. Namens verdachte is vrijspraak voor dit feit bepleit. 2. De rechtbank oordeelt als volgt. Onder 2 primair is aan verdachte ten laste gelegd dat hij zich zou hebben schuldig gemaakt aan diefstal van goederen uit basisschool [naam basisschool] te Doetinchem. Medeverdachte [medeverdachte 1] verklaart niet in genoemde school te hebben ingebroken. Verdachte heeft op de zitting van 18 maart 2008 verklaard met [medeverdachte 1] in een school te hebben ingebroken, maar niet te weten of [medeverdachte 1] een beamer heeft weggenomen. Medeverdachte [medeverdachte 1] heeft voorts verklaard in totaal maar één beamer te hebben weggenomen, uit de school waar ook de grote luidsprekerboxen zijn weggenomen (p.911/912, resp. p. 844/845). Verdachte heeft in zijn verklaring ter zitting niet aangegeven op welke datum de inbraak zou hebben plaatsgevonden en over welke school het gaat. Wel heeft hij verklaard op 11 september 2007 te hebben ingebroken in een school in Doetinchem en, onder meer, een beamer en geluidsboxen te hebben weggenomen. Gelet op het voorgaande is niet gebleken van betrokkenheid van verdachte bij het onder 2 primair ten laste gelegde feit. Voor het onder 2 primair ten laste gelegde feit is dan ook geen wettig en overtuigend bewijs voorhanden. 3. Gelet op het voorgaande zal de rechtbank verdachte daarom van dit feit vrijspreken. Bewijsmotivering ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde (eindnoot 1) 4. De officier van justitie heeft geconcludeerd tot bewezenverklaring van het onder 1 ten laste gelegde. 5. Door de raadsman is ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde naar voren gebracht dat voor het bestanddeel braak geen bewijs aanwezig is. 6. De rechtbank oordeelt terzake het onder 1 ten laste gelegde als volgt. 7. [aangever 1] heeft namens de [naam winkel] te Doetinchem aangifte gedaan van diefstal. Hij verklaart dat hij op 3 december 2007 ontdekte dat er twee beveiligingscamera’s, bevestigd aan de buitenzijde van de supermarkt [naam winkel], gelegen aan de [adres] te Doetinchem, waren weggenomen. (eindnoot 2) 8. Medeverdachte [medeverdachte 2] verklaart over deze diefstal dat hij op 3 december 2007 met [verdachte] was. [medeverdachte 2] heeft met een door [verdachte] aangereikte multitool geprobeerd de bewakingscamera bij de [naam winkel] aan de [adres] te Doetinchem te demonteren, hetgeen niet lukte. Verdachte heeft het vervolgens van medeverdachte [medeverdachte 2] overgenomen en de camera losgeschroefd, waarbij hij het snoer kapot getrokken heeft. Later op de middag hebben zij een tweede camera meegenomen bij de [naam winkel]. Ook bij het demonteren van de tweede camera heeft verdachte het snoer kapot getrokken. (eindnoot 3) 9. Verdachte heeft op de zitting van 18 maart 2008 verklaard dat hij op 3 december 2007 met [medeverdachte 2] bij de [naam winkel] te Doetinchem twee bewakingscamera’s die aan de buitenmuur bevestigd waren heeft weggenomen. Het lukte [medeverdachte 2] niet de camera los te krijgen. Verdachte heeft vervolgens camera eraf gehaald. Later die dag zijn ze teruggegaan en hebben ze de tweede camera weggenomen. 10. De rechtbank acht het feit zoals dat onder 1 ten laste is gelegd dan ook wettig en overtuigend bewezen, inclusief het bestanddeel braak. Deze bewezenverklaring is gebaseerd op genoemde aangifte en de genoemde verklaringen van [medeverdachte 2] en verdachte. De rechtbank wijst hierbij speciaal op het feit dat door [medeverdachte 2] wordt verklaard dat bij het demonteren van de beveiligingscamera’s het snoer kapot getrokken is. Bewijsmotivering van het onder 2 subsidiair ten laste gelegde 11. Door de raadsman is ten aanzien van het onder 2 subsidiair ten laste gelegde naar voren gebracht dat de beamer bij verdachte thuis is aangetroffen en dat het volgens hem heling is. 12. Door [aangever 2] is namens basisschool [naam basisschool] aangifte gedaan van diefstal van een beamer, merk Sanyo, type XU73 (p.97-100). 13. In de woning van verdachte is onder meer een beamer, merk Sanyo, type XU73 aangetroffen (p.754-778). 14. Door [aangever 2] is de in de woning van [verdachte] aangetroffen beamer herkend als de uit de basisschool [naam basisschool] gestolen beamer (p.101-102). 15. Verdachte heeft verklaard dat zijn medeverdachte [medeverdachte 1] die beamer uit een school heeft gestolen en dat hij deze beamer heeft achtergehouden, omdat hij nog geld van [medeverdachte 1] tegoed had (p.105-106). 16. De rechtbank acht het feit zoals dat onder 2 subsidiair ten laste is gelegd wettig en overtuigend bewezen. Deze bewezenverklaring is gebaseerd op genoemde aangifte, herkenning van de beamer en de verklaring van verdachte. Bewijsmotivering van het onder 3 ten laste gelegde 17. De officier van justitie heeft geconcludeerd tot bewezenverklaring van het onder 3 ten laste gelegde. 18. De raadsman heeft zich ten aanzien van het onder 3 ten laste gelegde gerefereerd naar het oordeel van de rechtbank. 19. Door [slachtoffer] is aangifte gedaan van diefstal met braak waarbij een schrikapparaat en een compressor zijn weggenomen.(eindnoot 4) 20. Door medeverdachte [medeverdachte 2] is een bekennende verklaring afgelegd.(eindnoot 5) 21. Door verdachte is op de zitting van 18 maart 2008 een bekennende verklaring afgelegd. 22. De rechtbank acht het feit zoals dat onder 3 ten laste is gelegd wettig en overtuigend bewezen. Deze bewezenverklaring is gebaseerd op genoemde aangifte en de genoemde bekennende verklaringen van [medeverdachte 2] en verdachte. Bewijsmotivering van het onder 4 primair ten laste gelegde 23. De officier van justitie heeft geconcludeerd tot bewezenverklaring van het onder 4 primair ten laste gelegde. 24. De raadsman heeft zich ten aanzien van het onder 4 (primair) ten laste gelegde gerefereerd naar het oordeel van de rechtbank. 25. Door [aangever 3] is namens school [naam lagere school] aangifte gedaan van diefstal met braak waarbij geluidboxen, een versterker en een beamer zijn weggenomen.(eindnoot 6) 26. Door medeverdachte [medeverdachte 1] is een bekennende verklaring afgelegd.(eindnoot 7) 27. Door verdachte is op de zitting van 18 maart 2008 een bekennende verklaring afgelegd. 28. De rechtbank acht het feit zoals dat onder 4 primair ten laste is gelegd wettig en overtuigend bewezen. Deze bewezenverklaring is gebaseerd op genoemde aangifte en de genoemde bekennende verklaringen van medeverdachte [medeverdachte 1] en verdachte. Bewijsmotivering van het onder 5 ten laste gelegde 29. De officier van justitie heeft geconcludeerd tot bewezenverklaring van het onder 5 ten laste gelegde. 30. De raadsman heeft zich ten aanzien van het onder 5 ten laste gelegde gerefereerd naar het oordeel van de rechtbank. 31. Door [aangever 2] is namens basisschool [naam basisschool] aangifte gedaan van diefstal van personal computers.(eindnoot 8) 32. Door medeverdachte [medeverdachte 1] is een bekennende verklaring afgelegd.(eindnoot 9) 33. Door verdachte is op de zitting van 18 maart 2008 een bekennende verklaring afgelegd. 34. De rechtbank acht het feit zoals dat onder 5 ten laste is gelegd wettig en overtuigend bewezen. Deze bewezenverklaring is gebaseerd op genoemde aangifte en de genoemde bekennende verklaringen van medeverdachte [medeverdachte 1] en verdachte. Bewijsmotivering van het onder 6 ten laste gelegde 35. De officier van justitie heeft geconcludeerd tot bewezenverklaring van het onder 6 ten laste gelegde. 36. De raadsman heeft zich ten aanzien van het onder 6 ten laste gelegde gerefereerd naar het oordeel van de rechtbank. 37. Door [aangever 4] is namens [naam stichting] aangifte gedaan van diefstal met braak, waarbij computerbeeldschermen en een computer zijn weggenomen.(eindnoot 10) 38. Door medeverdachte [medeverdachte 1] is een bekennende verklaring afgelegd.(eindnoot 11) 39. Door verdachte is op de zitting van 18 maart 2008 een bekennende verklaring afgelegd. 40. De rechtbank acht het feit zoals dat onder 6 ten laste is gelegd wettig en overtuigend bewezen. Deze bewezenverklaring is gebaseerd op genoemde aangifte en de genoemde bekennende verklaringen van medeverdachte [medeverdachte 1] en verdachte. Bewijsmotivering van het onder 7 ten laste gelegde 41. De officier van justitie heeft geconcludeerd tot bewezenverklaring van het onder 7 ten laste gelegde. 42. De raadsman heeft zich ten aanzien van het onder 7 ten laste gelegde gerefereerd naar het oordeel van de rechtbank. 43. Door [aangever 5] is namens voetbalvereniging [naam voetbalvereniging] te Breedenbroek, gemeente Oude IJsselstreek, aangifte gedaan van diefstal met braak, waarbij 24 blikjes bier zijn weggenomen.(eindnoot 12) 44. Door medeverdachte [medeverdachte 1] is een bekennende verklaring afgelegd. (eindnoot 13) 45. Door verdachte is op de zitting van 18 maart 2008 een bekennende verklaring afgelegd. 46. De rechtbank acht het feit zoals dat onder 7 ten laste is gelegd wettig en overtuigend bewezen. Deze bewezenverklaring is gebaseerd op genoemde aangifte en de genoemde bekennende verklaringen van medeverdachte [medeverdachte 1] en verdachte. Bewijsmotivering van het onder 8 ten laste gelegde 47. De officier van justitie heeft geconcludeerd tot bewezenverklaring van het onder 8 ten laste gelegde. 48. De raadsman heeft zich ten aanzien van het onder 8 ten laste gelegde gerefereerd naar het oordeel van de rechtbank. 49. Door [aangever 6] is namens [naam winkel 2] te Etten aangifte gedaan van diefstal met braak, waarbij een fiets, boormachines, zenders, schotelantennes en deurbellen zijn weggenomen.(eindnoot 14) 50. Door medeverdachte [medeverdachte 1] is een bekennende verklaring afgelegd.(eindnoot 15) 51. Door verdachte is op de zitting van 18 maart 2008 een bekennende verklaring afgelegd. 52. De rechtbank acht het feit zoals dat onder 8 ten laste is gelegd wettig en overtuigend bewezen. Deze bewezenverklaring is gebaseerd op genoemde aangifte en de genoemde bekennende verklaringen van medeverdachte [medeverdachte 1] en verdachte. Bewezenverklaring 53. Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1, 2 subsidiair, 3, 4 primair, 5, 6, 7 en 8 ten laste gelegde heeft begaan, te weten dat: 1. hij op 3 december 2007 te Doetinchem, tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening van (de buitenkant van) het pand gelegen aan de [adres], heeft weggenomen beveiligingscameras, toebehorende aan [naam winkel], waarbij verdachte en zijn mededader de weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van braak; 2. subsidiair, hij omstreeks 12 december 2007 te Doetinchem een beamer voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven of voorhanden krijgen van deze beamer wist dat het een door misdrijf verkregen goed betrof; 3. hij in de periode 28 november 2007 tot en met 3 december 2007 te Doetinchem, tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit een berging en schuur behorende bij flatwoning [adres], heeft weggenomen een schrikapparaat, en een compressor, toebehorende aan [slachtoffer], waarbij verdachte en zijn mededader zich de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak; 4 primair. hij op 11 september 2007 te Doetinchem, tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een schoolgebouw, gelegen aan de [adres], heeft weggenomen een versterker van het merk Yamaha en een beamer en geluidsboxen, toebehorende aan lagere school [naam lagere school], waarbij verdachte en zijn mededader zich de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak en inklimming; 5. hij in de periode van 28 juni 2007 tot en met 2 juli 2007 te Doetinchem, tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een schoolgebouw, gelegen aan de [adres] heeft weggenomen personal computers, toebehorende aan Christelijke basisschool [naam basisschool], waarbij verdachte en zijn mededader zich de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van inklimming; 6. hij op 25 juni 2007 te Doetinchem tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een schoolgebouw, gelegen aan de [adres], heeft weggenomen computerbeeldschermen, en een computer, toebehorende aan [naam stichting], waarbij verdachte en zijn mededader zich de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak en inklimming; 7. hij op of omstreeks 17 augustus 2007 te Breedenbroek, tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een pand gelegen op een sportcomplex aan de [adres], heeft weggenomen ongeveer 48 blikjes bier, toebehorende aan Voetbalvereniging [naam voetbalvereniging], waarbij verdachte en zijn mededader zich de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak en inklimming; 8. hij op of omstreeks 20 juli 2007 te Etten, tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een bedrijfspand gelegen aan de [adres], heeft weggenomen een fiets, en boormachines, en zenders, en schotelantennes, en deurbellen, toebehorende aan [naam winkel 2], waarbij verdachte en zijn mededader zich de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak en verbreking. Vrijspraak van het meer of anders ten laste gelegde 54. Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is naar het oordeel van de rechtbank niet bewezen. De verdachte behoort daarvan te worden vrijgesproken. Strafbaarheid van het bewezen verklaarde 55. Het bewezene levert op de misdrijven: 1: diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak; 2 subsidiair: opzetheling 3: diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak; 4 primair: diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak en inklimming; 5: diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van inklimming; 6: diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak en inklimming; 7: diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak en inklimming; 8: diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak en verbreking. Strafbaarheid van de verdachte 56. Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden, die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Oplegging van straf en/of maatregel 57. Voor het geval verdachte in de Piet Roordakliniek zou kunnen worden opgenomen, heeft de officier van justitie ter zitting van 9 juli 2008 gevorderd verdachte te veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden met aftrek van de tijd in voorarrest doorgebracht, waarvan 7 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren en de bijzondere voorwaarden dat verdachte zich zal laten opnemen in de Piet Roordakliniek voor de duur van de maximale proeftijd en zich zal houden aan de aanwijzingen van de reclassering. De officier van justitie heeft daarbij aangegeven dat, wanneer verdachte reeds gedurende de detentie kan worden opgenomen in de Piet Roordakliniek, hierin kan worden voorzien op basis van artikel 43 van de Penitentiaire Beginselenwet, teneinde te voorkomen dat een voor verdachte vrijgekomen plaats in genoemde kliniek zou komen te vervallen. 58. De raadsman heeft ten aanzien van de strafoplegging bepleit een straf op te leggen waarmee een zodanig juridisch kader wordt gecreëerd dat verdachte kan worden opgenomen in de Piet Roordakliniek. 59. De rechtbank acht na te melden strafoplegging in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezen verklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan mede gelet op de persoon van verdachte, zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken. Voorts heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van de door verdachte gepleegde strafbare feiten in verhouding tot andere strafbare feiten, zoals tot uitdrukking komt in het wettelijke strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd. De rechtbank heeft verder in aanmerking genomen dat verdachte, telkens met een mededader, vele malen heeft ingebroken bij met name scholen, maar ook bij een bouwbedrijf, een sportaccomodatie en een garagebox. Dit zijn zeer kwalijke feiten waardoor de benadeelden met veel ongemak en onkosten zijn opgezadeld. Daarnaast getuigen de door verdachte gepleegde feiten van een groot gebrek aan respect voor het eigendom van anderen. Dergelijke strafbaar feiten dienen in beginsel met een onvoorwaardelijke gevangenisstraf te worden bestraft. De rechtbank heeft rekening gehouden met het feit dat verdachte reeds een forse documentatie heeft op het gebied van vermogensdelicten. De rechtbank heeft verder gelet op het voorlichtingsrapport van mevrouw E. Lammers van Iriszorg d.d. 14 maart 2008, alsmede op de aanvullende faxberichten d.d. 7 juli 2008 en 8 juli 2008 en de toelichting van mevrouw Lammers op de terechtzitting van 9 juli 2008. Uit genoemd voorlichtingsrapport blijkt dat bij verdachte sprake is van een forse borderline persoonlijkheidsstoornis in combinatie met poly-drugsverslaving en ADHD. Verdachte is zeer gemotiveerd voor een klinische behandeling. Gelet op de complexe psychiatrische- en drugsproblematiek is een langdurige klinische behandeling geïndiceerd. Een dergelijke behandeling kan het best plaatsvinden op een Forensische Psychiatrische Afdeling of in de Forensische Verslavingskliniek Piet Roorda te Apeldoorn. Geadviseerd wordt naast een onvoorwaardelijke gevangenisstraf een forse voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen met daarbij een verplicht reclasseringscontact met de bijzondere voorwaarde dat verdachte zich houdt aan de aanwijzingen van IrisZorg, Justitiële Verslavingszorg, ook als dat inhoudt een klinische opname op de Forensische Psychiatrische Afdeling of in de Forensische Verslavingskliniek Piet Roorda te Apeldoorn. Op de zitting van 9 juli 2008 is door mevrouw Lammers aangegeven dat verdachte goede kans maakt op opname in de Piet Roordakliniek. Een intake aldaar staat gepland. Bij een positief verlopen intake zou op korte termijn duidelijk moeten zijn wanneer verdachte daar geplaatst zou kunnen worden. De rechtbank acht gelet op het voorgaande een deels voorwaardelijke gevangenis¬straf op zijn plaats teneinde verdachte ervan te weerhouden opnieuw strafbare feiten te plegen. De rechtbank zal voorts de bijzondere voorwaarden stellen, dat verdachte zich zal houden aan de aanwijzingen van de reclassering, ook als dit inhoudt dat verdachte zich ter behandeling zal laten opnemen in de Forensische Verslavingskliniek Piet Roorda te Apeldoorn. De rechtbank acht het van groot belang dat verdachte in genoemde kliniek zal worden behandeld. Nu verdachte sinds 17 juli 2008 uit de voorlopige hechtenis is geschorst en aansluitend is opgenomen voor klinische behandeling in voornoemde kliniek, zal de rechtbank het onvoorwaardelijk deel van de op te leggen gevangenisstraf beperken tot de duur van de voorlopige hechtenis om te voorkomen dat verdachte zijn zojuist aangevangen behandeling zou moeten onderbreken voor het uitzitten van een resterend onvoorwaardelijk deel. De rechtbank komt om die reden ook uit op een gevangenisstraf van kortere duur dan geëist door de officier van justitie. In beslag genomen voorwerpen 60. Van de voorwerpen: 1. doorzichtige plastic tas met zwarte bies; 2. microsoft muis; 3. grijs Samsung fototoestel; 4 en 5. Philips cassetterecorders; 6. zwarte kabel; 7. gamma tas; 8. zwarte hipora herenhandschoenen, 2 stuks; 9. handgereedschap, rood handvat met gele verfspetters; 10. gereedschap: multitool, kleur zilver; 11. koubeitel omwikkeld met zwarte tape, 18. Batavus alegro herenfiets blauw (opschrift ‘moving rhythms of nature’) 19. groen printplaatsje computeronderdeel, wordt de teruggave aan de rechthebbende gelast, nu zich geen strafvorderlijk belang daartegen verzet. 61. Met betrekking tot de voorwerpen: 12. plastic tas met opdruk vrouw van rozeboom; 13. 1 stuk speelgoed (spring, roze/paars met witte handjes); 14. gebreide witte sjaal; 15. blauwe Champion XL trui, trekt de rechtbank op grond van de stukken de conclusie dat deze niet onder verdachte, maar onder medeverdachte [medeverdachte 2] in beslag zijn genomen. De rechtbank zal daarover derhalve geen beslissing nemen. 62. Van de voorwerpen: 16. Motorrola telefoon en 20. zwarte professionele oordopjes, wordt de teruggave aan verdachte gelast, nu zich geen strafvorderlijk belang daartegen verzet. 63. Van het voorwerp: 17. SEGA computerspel wordt de teruggave aan de medeverdachte [medeverdachte 2] gelast, nu zich geen strafvorderlijk belang daartegen verzet. Vordering tot schadevergoeding 64. De volgende benadeelde partijen hebben zich met een vordering tot schadevergoeding in het strafproces gevoegd: - Basisschool [naam 1], [adres], - [naam 2], wonende te [adres]; - OBS [naam 3], [adres]; - [naam 4] College, [adres]; - [naam 5] College, [adres]; - [naam 6], wonende te [adres] (namens [naam winkel 3]). Genoemde benadeelde partijen zullen niet-ontvankelijk worden verklaard in hun vordering, nu deze vorderingen geen betrekking hebben op in de tenlastelegging genoemde feiten en aan de benadeelde partijen derhalve geen rechtstreekse schade is toegebracht door een bewezen verklaard feit, zoals bedoeld in artikel 361, tweede lid aanhef en sub b van het Wetboek van Strafvordering. Toepasselijke wettelijke voorschriften Deze beslissing is gegrond op de artikelen 10, 14a, 14b, 14c, 14d, 27, 57, 310, 311 en 416 van het Wetboek van Strafrecht. Beslissing De rechtbank beslist als volgt. Verklaart niet bewezen, dat verdachte het onder 2 primair ten laste gelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij. Verklaart, zoals hiervoor overwogen, bewezen dat verdachte het onder 1, 2 subsidiair, 3, 4 primair, 5, 6, 7 en 8 ten laste gelegde heeft begaan. Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij. Verklaart het bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart verdachte strafbaar. Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 404 (vierhonderdvier) dagen. Bepaalt, dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot 180 (honderdtachtig) dagen niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond dat veroordeelde zich vóór het einde van een proeftijd van 2 jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt dan wel de navolgende bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd. Stelt als bijzondere voorwaarden dat veroordeelde zich gedurende de proeftijd zal gedragen naar de aanwijzingen en voorschriften die veroordeelde zullen worden gegeven door of namens de Stichting Reclassering Nederland, arrondissement Zutphen, zolang deze instelling dit noodzakelijk oordeelt, ook als dit inhoudt dat veroordeelde zich ter behandeling zal laten opnemen in de Forensische Verslavingskliniek Piet Roorda te Apeldoorn voor maximaal de duur van de proeftijd. De veroordeelde zal zich dan houden aan regels die door of namens de leiding van genoemde kliniek zullen worden gegeven. Geeft genoemde reclasseringsinstelling opdracht de veroordeelde bij de naleving van de opgelegde voorwaarden hulp en steun te verlenen. Beveelt, dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorge¬bracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht. Gelast de teruggave van de volgende inbeslaggenomen, nog niet teruggegeven voorwerpen aan de rechthebbende, te weten: 1. doorzichtige plastic tas met zwarte bies; 2. microsoft muis; 3. grijs Samsung fototoestel; 4 en 5. Philips cassetterecorders; 6. zwarte kabel; 7. gamma tas; 8. zwarte hipora herenhandschoenen, 2 stuks; 9. handgereedschap, rood handvat met gele verfspetters; 10. gereedschap: multitool, kleur zilver; 11. koubeitel omwikkeld met zwarte tape, 18. Batavus alegro herenfiets blauw (opschrift ‘moving rhythms of nature’) 19. groen printplaatsje computeronderdeel. Gelast de teruggave van de volgende in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen aan veroordeelde, te weten: 16. Motorrola telefoon en 20. zwarte professionele oordopjes. Gelast de teruggave van het volgende in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerp aan medeverdachte [medeverdachte 2], te weten: 17. SEGA computerspel. Verklaart de benadeelde partijen: - Basisschool [naam 1], [adres]; - [naam 2], wonende te [adres]; - OBS [naam 3], [adres]; - [naam 4] College, [adres]; - [naam 5] College, [adres]; - [naam 6], wonende te [adres] (namens [naam winkel 3], niet-ontvankelijk in hun vordering. Heft op het - geschorste - bevel tot voorlopige hechtenis. Aldus gewezen door mr. Gilhuis, voorzitter, en mrs. Van Harreveld en Van der Hooft, rechters, in tegenwoordigheid van mr. Van Oosten-Boksem, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 23 juli 2008. (eindnoot 1) Wanneer hierna wordt verwezen naar doorgenummerde dossierpagina’s, betreft dit delen van in de wettelijke vorm opgemaakte processen verbaal, als bijlagen opgenomen bij (stam)proces-verbaal nr. PL0640/07-220948, Regiopolitie Noord-Oost Gelderland, district Achterhoek, Doetinchem, gesloten en getekend op 6 februari 2008 (eindnoot 2) Proces-verbaal van verhoor van aangever p.28 (eindnoot 3) Proces-verbaal van verhoor medeverdachte [medeverdachte 2], p. 951-952 (eindnoot 4) Proces-verbaal van verhoor van aangever p. 140 (eindnoot 5) Proces-verbaal van verhoor medeverdachte [medeverdachte 2] p. 953-954 (eindnoot 6) Proces-verbaal van verhoor aangever p. 157-158 (eindnoot 7) Proces-verbaal van verhoor medeverdachte [medeverdachte 1] p. 844-845 (eindnoot 8) Proces-verbaal van verhoor aangever p. 174-175 (eindnoot 9) Proces-verbaal van verhoor medeverdachte [medeverdachte 1] p. 847-848 (eindnoot 10) Proces-verbaal van verhoor aangever p. 202 (eindnoot 11) Proces-verbaal van verhoor medeverdachte [medeverdachte 1] p. 849-850 (eindnoot 12) Proces-verbaal van verhoor van aangever p. 244 (eindnoot 13) Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte 1] p. 864 (eindnoot 14) Proces-verbaal van verhoor van aangever p.553-555 (eindnoot 15) Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte 1] p. 883-885