Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

BI1338

Datum uitspraak2009-01-12
Datum gepubliceerd2009-04-16
RechtsgebiedStraf
Soort ProcedureRaadkamer
Instantie naamGerechtshof Arnhem
ZaaknummersAvnr: 226-08
Statusgepubliceerd


Indicatie

591a Sv: Bij in kracht van gewijsde gegaan arrest van het hof is verzoeker vrijgesproken van het hem onder 1 telastegelegde en ten aanzien van het onder 2 bewezenverklaarde, namelijk diefstal, veroordeeld tot jeugddetentie voor de duur van twee weken met aftrek overeenkomstig artikel 27 Sr. Nu er sprake is van vaste jurisprudentie en de zaak, gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, niet is geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en zonder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafvordering, is verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek.


Uitspraak

GERECHTSHOF AMSTERDAM zitting houdende te Arnhem Pkn: 21-003060-07 Avnr: 226-08 Het hof heeft gezien het op 22 februari 2008 ter griffie van het hof ingekomen verzoekschrift van: [naam verzoeker], geboren te [geboorteplaats], op [geboortedatum], domicilie kiezende te [adres kantoor raadsvrouw], ten kantore van zijn raadsvrouw, hierna te noemen verzoeker, ingediend door mr. [naam raadsvrouw A], advocaat te [plaatsnaam], strekkende tot toekenning van een vergoeding ex artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering van de kosten voor het indienen en behandelen van het verzoekschrift ex artikel 89 van het Wetboek van Strafvordering. Het hof heeft gehoord in openbare raadkamer van 15 december 2008 de advocaat-generaal en namens verzoeker mr. [naam raadsman B], kantoorgenoot van mr. [naam raadsvrouw A] voornoemd. Verzoeker is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen. Het hof heeft kennis genomen van de overige zich in het procesdossier bevindende stukken, waaronder de conclusie van de advocaat-generaal en de brief van mr. [naam raadsvrouw A] van 20 augustus 2008, met bijlagen. OVERWEGINGEN 1. Bij in kracht van gewijsde gegaan arrest van het hof van 2 januari 2008 is verzoeker vrijgesproken van het hem onder 1 telastegelegde en ten aanzien van het onder 2 bewezenverklaarde, namelijk diefstal, veroordeeld tot jeugddetentie voor de duur van twee weken met aftrek overeenkomstig artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht. 2. Het verzoekschrift is tijdig ingediend en in zoverre ontvankelijk. 3. De advocaat-generaal heeft volhard bij de eerdere schriftelijke conclusie. 4. De raadsman heeft gepersisteerd bij het verzoek. 5. Ingevolge artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering kan, indien de zaak eindigt zonder oplegging van straf of maatregel en zonder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht, aan de gewezen verdachte of zijn erfgenamen, op een verzoek ingediend binnen drie maanden na beëindiging van de zaak, uit 's Rijks kas een vergoeding worden toegekend in de kosten van een raadsman. 6. Volgens vaste jurisprudentie van de Hoge Raad dient in het geval dat een onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgevonden, onder “zaak” als bedoeld in artikel 258, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering te worden verstaan “al datgene waarop het rechtsgeding betrekking had”. De term “zaak” in de zin van artikel 591a van het Wetboek van Stafvordering heeft, nu er sprake is geweest van een onderzoek ter terechtzitting, dezelfde betekenis als in artikel 258, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering, met dien verstande dat na de inleidende dagvaarding de grenzen nadien nader kunnen worden bepaald door wijziging der tenlastelegging op de voet van de artikelen 313-314a van het Wetboek van Strafvordering en/of voeging onderscheidenlijk splitsing op de voet van (thans) artikel 285 van het Wetboek van Strafvordering. 7. Nu er sprake is van vaste jurisprudentie en de zaak, gelet op hetgeen onder 1. is overwogen, niet is geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en zonder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafvordering, is verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek. BESCHIKKENDE Het hof: - verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek. Deze beschikking is gegeven te Arnhem door mr. E.A.K.G. Ruys, voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. B.P. Snijder, griffier, ondertekend door de voorzitter en de griffier en uitgesproken ter openbare zitting van 12 januari 2009.